Op 24 april 2026 lanceerde de Rijksoverheid in alle stilte het platform code.overheid.nl. De zelf gehoste ontwikkelomgeving draait op Forgejo, een community-gedreven alternatief voor commerciële diensten zoals GitHub en GitLab. Voorlopig is de toegang beperkt tot een select aantal overheidsorganisaties, waarbij ontwikkelaars worden opgeroepen om actief mee te bouwen aan de verdere uitrol.

Controle over de broncode

De motivering achter het initiatief is helder: externe platformen als GitHub (onderdeel van Microsoft) en GitLab brengen strategische risico's met zich mee omdat ze buiten de directe controle van de overheid vallen en niet volledig uit vrije software bestaan. Het ministerie benadrukt dat de integriteit van overheidssoftware niet ter discussie mag staan — zeker niet wanneer code direct in productieomgevingen van vitale infrastructuren draait. Volledige controle over de ontwikkelomgeving en opslagplaatsen geldt daarom als harde randvoorwaarde.

Het project valt onder het Open Source Program Office (OSPO) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). Het sluit naadloos aan bij het al langer geldende principe «open, tenzij»: open source is de standaard, tenzij er zwaarwegende redenen zijn om daarvan af te wijken. Geen dictaat met een harde deadline, maar een gestage koerswijziging die nu daadwerkelijk van eigen infrastructuur wordt voorzien.

Kabinetsvisie op digitale autonomie

Eind 2025 gaf de ministerraad deze beweging extra gewicht met het goedkeuren van de kabinetsbrede Visie op Digitale Autonomie en Soevereiniteit, ingediend door staatssecretaris Zsolt Szabó van Marum. Het doel van de strategie: voorkomen dat de overheid gegijzeld raakt in vendor lock-ins van enkele buitenlandse leveranciers, en zorgen dat de publieke sector zelf de regie behoudt om van technologieaanbieder te wisselen.

«Het gaat er niet om dat we alles zelf moeten doen, maar dat we kunnen kiezen en de controle behouden. Volledige onafhankelijkheid is een illusie, maar slimme keuzes maken is bittere noodzaak.»

De visie bevat naast beleidsdoelen ook concrete maatregelen: een aangescherpt cloudbeleid voor de opslag van overheidsdata binnen Europese kaders, het bundelen van IT-inkoopkracht voor betere onderhandelingsposities, en de versnelde modernisering van verouderde legacy-systemen om veiligheidsrisico's in te dammen.

Europese krachtenbundeling

Nederland opereert niet op een eiland. Den Haag treedt op als voorzitter van het EDIC Digital Commons, een Europees consortium opgericht met Frankrijk, Duitsland en Italië, waar inmiddels negen EU-lidstaten bij zijn aangesloten. Het samenwerkingsverband ontwikkelt gezamenlijk Europese open-source alternatieven voor cloud computing, kunstmatige intelligentie, cybersecurity en kantoorsoftware.

De lancering van het eigen softwareplatform in Den Haag is een klein, maar veelzeggend onderdeel van een breder Europees besef: het blind vertrouwen op een handvol buitenlandse techreuzen voor de meest kritieke digitale infrastructuur is een risico dat overheden niet langer stilzwijgend willen dragen.